Wantrouwen in de politiek? Goh, hoe zou dat toch komen…
3 dagen geledenVolgens recente cijfers overweegt een deel van de inwoners van Drenthe om niet meer te stemmen bij de gemeenteraadsverkiezingen. Wantrouwen in de politiek, heet dat dan.
Altijd een interessant woord: wantrouwen. Alsof het uit de lucht komt vallen. Alsof mensen op een ochtend wakker worden en denken: weet je wat, vandaag vertrouw ik de politiek eens niet meer.
Maar laten we eens kijken hoe dat wantrouwen kan ontstaan.
In de gemeente Coevorden bijvoorbeeld werkt besluitvorming soms volgens een bijzonder efficiënt model. Eerst wordt er een plan gemaakt. Daarna wordt het besproken. En ergens in de laatste fase wordt ook nog even gekeken of de inwoners er iets van mogen vinden.
Dat noemen we inspraak.
Neem de woningbouwplannen in Schoonoord. Inwoners horen dat er plannen zijn, maar vaak pas wanneer de kaarten al op tafel liggen en de lijnen al zijn getrokken. Natuurlijk mogen ze dan nog reageren. Dat heet participatie. Het verandert alleen zelden nog iets.
Of neem de onrust rond plannen in Tuindorp. Eerst zijn er geruchten. Daarna vragen bewoners wat er speelt. Vervolgens komt er een uitleg waarin staat dat het allemaal toch net iets anders ligt dan gedacht.
Het probleem is alleen dat het vertrouwen dan al ergens tussen de geruchten en de officiële uitleg is verdwenen.
En dan breekt de verkiezingstijd aan. Dat is het moment waarop lokale politici plotseling een opmerkelijke ontdekking doen: er wonen ook nog mensen buiten het gemeentehuis.
Dan verschijnen de slogans.
“Wij luisteren naar u.”
“Samen bouwen we aan de toekomst.”
“De inwoner staat centraal.”
Het zijn prachtige zinnen. Ze zeggen alleen ongeveer evenveel als een weerbericht dat meldt dat het morgen “ongeveer weer” wordt.
Maar goed, wantrouwen dus.
De oplossing daarvoor is eigenlijk verrassend simpel. Niet makkelijk, maar wel simpel.
Begin eens met het omdraaien van de volgorde.
Eerst de inwoners.
Dan het plan.
Eerst het gesprek.
Dan het besluit.
En als een besluit al bijna vaststaat, noem het dan geen participatie maar gewoon wat het is: informeren.
Het wonderlijke is namelijk dat inwoners best begrijpen dat niet iedereen zijn zin kan krijgen. Wat mensen minder goed verdragen is het gevoel dat hun mening pas welkom is wanneer alles al geregeld is.
Dus als lokale bestuurders het vertrouwen echt willen herstellen, hoeven ze misschien helemaal niet diep door het stof.
Ze hoeven alleen iets te doen wat eigenlijk heel eenvoudig is.
Op tijd luisteren.
Dat scheelt ook een hoop wantrouwen. En mogelijk zelfs een paar verkiezingsslogans.